maart 2, 2024

Grondwater & verzilting

Copyright:Unie van Waterschappen

Wat is grondwater?

Grondwater is water dat in de grond zit. Het bestaat uit water dat, soms al duizenden jaren geleden via het oppervlaktewater of als regenwater in de bodem is gezakt. Dit water zakt tot het een niveau bereikt waar de bodem geen water doorlaat. Het niveau waaronder de grond vol is met water, wordt het grondwaterpeil of de grondwaterstand genoemd. De grondwaterstand kan per gebied wisselen in hoogte. Soms zit het bijna aan het maaiveld en soms zit het wel meters diep. Het water onder de grondwaterstand noemen we grondwater.

Grondwater wordt gebruikt voor onder meer de drinkwaterwinning, landbouw, industrie, natuur en energie. Het is daarom belangrijk dat er voldoende grondwater is en dat het van goede kwaliteit is. Als waterbeheerder van de regionale watersystemen zijn de waterschappen medeverantwoordelijk voor het grondwaterbeheer en streven zij naar een goede grondwaterbalans. De provincies geven de waterschappen strategische kaders voor het grondwaterbeheer en zien toe op de kwaliteit van het grondwater.

Een goede grondwaterbalans

Een te hoog grondwaterpeil kan voor grondwateroverlast zorgen. Maar een te laag grondwaterpeil kan leiden tot problemen als verdroging, inklinken van veengrond, schade aan funderingen, landbouwschade en uitdroging van gevoelige plantensoorten. Het is dus belangrijk om te zorgen voor een goede grondwaterbalans. Daarvoor is het belangrijk om de boven- en ondergrondse functies goed af te stemmen op het grondwatersysteem.

Duurzaam grondwaterbeheer

Zoet grondwater van goede kwaliteit is beperkt beschikbaar. Verschillende partijen maken hier gebruik van, zoals drinkwaterbedrijven, industrie en landbouw. Een duurzaam grondwaterbeheer is daarom belangrijk. Voor dit duurzame beheer is inzicht nodig in de processen die van invloed zijn op de kwaliteit van grondwater.

Van grondwater naar drinkwater

Meer dan de helft van ons drinkwater is afkomstig uit grondwater. Drinkwaterbedrijven geven de voorkeur aan grondwater omdat ze dit eenvoudig kunnen zuiveren tot drinkwater. Het grondwater wordt van grote dieptes opgepompt. Daarvoor heeft het grondwater er heel lang over gedaan om tot die diepte te komen. Het water is dan al grotendeels gezuiverd door klei- en zandlagen. Bovendien zit er geen zuurstof meer in, waardoor er geen bacteriën en virussen in zitten.

Standpunt: 

Het grondwatersysteem is uit balans.

Het watersysteem is namelijk de afgelopen decennia vooral geoptimaliseerd voor het afvoeren van water terwijl de druk op het grondwater toeneemt door intensiever gebruik en een veranderend klimaat. Overheden en maatschappelijke partners moeten deze uitdagingen samen aangaan; iedereen draagt een deel van de verantwoordelijkheid voor het grondwater. Voor goede samenwerking is een heldere, gemeenschappelijke visie nodig op de aanpak van grondwatervraagstukken en de rol van de waterschappen daarin.

Ook is een watertransitie nodig. De grenzen van technische maatregelen komen in zicht en niet alles kan overal worden gefaciliteerd. Om het grondwatersysteem robuust en klimaatbestendig te krijgen, moet er letterlijk en figuurlijk ruimte worden gemaakt voor water.

Copyright:Unie van Waterschappen -> lees hier verder https://unievanwaterschappen.nl/waterkwantiteit/grondwater/


Verzilting

Noord Holland is aan drie zijdes omgeven door water. De zee heeft met zijn zoute water invloed op het water in de polders. Hoe dieper de polder, hoe groter de invloed van het (zee)water van buitenaf, wat diep door de ondergrond door zal dringen. Het komt eigenlijk als een soort kwel weer boven. Omdat Noord Holland onder zeeniveau ligt, geeft dat een zoute druk. Het zoete water in laag gelegen gebied ligt als het ware op het zoute water. Dit noemt men een zoetwaterlens. Dat komt omdat zoet water lichter is dan zoutwater, en zodoende vormt dit een zoetwaterbel in de grond. Dus, hoe hoger het land, hoe groter de zoetwaterbel.

Bij polders die laag liggen – beneden NAP – is er vanwege de zoute kwel, die onder de dijk door, richting de polder weer omhoog dringt – geen zoetwaterbel. Echter het regenwater zal bij voldoende drooglegging en drainage van de akkers tot ongeveer een meter onder het maaiveld een mooie buffer kunnen vormen. In tijden van droogte kan het zoute water uit de ondergrond deze voorrraad onhoog duwen naar de wortel. Het zoute water duwt het zoete water eigenlijk naar boven toe.
Veel planten kunnen aan de wortels veel meer zout verdragen dan aan de bladeren. Door te beregenen met te zout water, verdampt het water en blijft er teveel zout achter op de bladeren, met snel schade tot gevolg.

Verzilting in de landbouw is momenteel erg in de belangstelling, en wordt door sommige mensen als een enorme bedreiging gezien van de wereld voedselvoorziening, maar ook direct voor de  plaatselijke landbouw.

Op Texel, wat omringd is door zout zeewater is met ook (gedwongen) vertrouwd met brak water. Op Texel mag men daarom – vanwege het ontbreken van wateraanvoer uit het IJsselmeer/Markermeer – niet beregenen. De verzilting op het eiland was 60 jaar geleden een probleem, maar door ruilverkaveling in 1960 en grondverbeteringen zoals goede drainage is het probleem vrijwel verdwenen. Op het bijgevoegde kaartje en de meetgegevens is te zien dat water onder de duinen gelijkwaardig is als drinkwater. In de diepere polders is het water in droge periodes plaatselijk soms zouter dan in de zee.

Voor de ruilverkaveling  rond 1960 was het ‘zoutprobleem’ op Texel aanzienlijk.
Dit probleem kwam doordat de waterhuishouding op Texel slecht was, waarbij het grondwater in de lager gelegen polder in de winter te hoog stond. Tijdens de ruilverkaveling is de waterhuishouding enorm verbeterd door het graven van goede sloten, en de aanleg van drainage.
Hierdoor kon er in de lager gelegen polders boven de drainages een zoetwaterlens ontstaan. Zoutsch

Op Texel is het niet mogelijk om te beregenen, omdat er geen watertoevoer is vanuit het IJsselmeer/Markermeer. Op het eiland is men dan ook aangewezen op de eigen voorraden. 
Van belang hierbij is uiteraard dat het wel af en toe regent, en dat het water wat valt vastgehouden wordt. In de duinen is de zoetwaterbel soms wel 40 meter diep. De duinen, die hoger liggen dan de aangrenzende polders geven door ‘drang’ water vrij de polder in. Dit water is aanmerkelijk zoeter dan drinkwater.  Het water kan in het voorjaar met behulp van stuwtjes worden opgezet, zodat de ondergrond, waar de wortels zitten vochtiger wordt. In polders met brak, of zelfs zout water kan ook het water worden opgezet, waarbij de zoetwaterlens omhoog wordt gedrukt en meer zoet water bij de wortel komt.

Omgaan met verzilting
Op Texel is bij de agrariërs veel praktische kennis over het omgaan met brak water. Zo worden er al jaren aardappelen geteeld op percelen waar het slootwater soms net zo zout is als in de omringende zee. Er is in samenwerking met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier aan meetnet opgesteld, waar verschillende agrariërs aan mee doen.


Meer lezen? Kijk hieronder voor meer info!

HHNK heeft een grondwaterbeleidskader waarin veel te lezen is over grondwater en de verantwoordelijkheden. Klik hier om deze te openen en te lezen.

Om meer te lezen over de grondwaterstanden in Nederland: Klik op deze link -> https://droogteportaal.nl/droogteportaal/web/

Hier leest u meer over het water in Noord Holland -> https://www.waterplanhhnk.nl/ontwikkelingen-voldoende-water

Lees hier meer over grondwater en bekijk het filmpje over grondwater-> https://www.onswater.nl/onderwerpen/grondwater